DELEN
X
Stuur door Deel op Facebook Deel op Twitter Deel op Linkedin Deel op Google Plus Deel op Pinterest
X

OTIB maakt gebruik van functionele cookies. Wilt u weten hoe OTIB omgaat met cookies bekijk dan het Privacy statement


Home > Over OTIB > Nieuws
rss
RSS staat voor Really Simple Syndication en levert regelmatig bijgewerkte inhoud van onze website. Als u zich (kosteloos) abonneert, controleert uw browser onze website automatisch en wordt nieuwe inhoud gedownload zodat u kunt zien wat er nieuw is sinds u de feed voor het laatst hebt geopend.

Breng de praktijk naar school

13-12-2018

Breng de praktijk naar school

Opleidingstraject voor hybride docenten

Met een opleiding tot hybride docent kunnen mensen uit het bedrijfsleven meewerken in het onderwijs. Zo brengen ze de actuele praktijk naar de school. Ze investeren in hun eigen ontwikkeling. En bieden meerwaarde voor het bedrijf waar ze werken. Een win-winsituatie voor alle partijen, vertellen organisator Erik Hans Boek en deelnemer Roel van Stokkum.

"Als hybride docent heb je een baan in het bedrijfsleven, maar ga je in overleg met het mbo op een aantal momenten in het jaar lesgeven", legt Erik Hans Boek uit. Hij is regiomanager van OTIB, het opleidings- en ontwikkelingsfonds (O&O) voor het technisch installatiebedrijf. "We zijn vanuit verschillende insteken begonnen met een opleidingstraject voor zulke hybride docenten. Ten eerste is er in het mbo en vmbo meer behoefte aan actuele praktijkkennis. Die is in het bedrijfsleven te vinden. Ten tweede vergrijst het docentenkorps in het techniekonderwijs: de komende jaren gaan veel docenten met pensioen. Dat betekent dat er ruimte komt voor nieuwe instroom, maar die is er nog te weinig. We moeten dus iets extra’s doen om voldoende docenten voor de klas te hebben. Tot slot willen we als O&O-fondsen altijd investeren in de ontwikkeling van vakmensen. Met dit traject kunnen zij ook stappen zetten in hun eigen loopbaan."

Samen kom je verder

Deze problemen en doelen zijn natuurlijk breder dan de installatietechniek. OTIB werkt dan ook graag samen met andere technische O&O-fondsen, zoals A+O Metalektro en OOM (metaalbewerking). Boek: "Soms doen ook bijvoorbeeld fondsen voor ICT of bouw mee. Ik nodig iedereen van harte uit om aan te sluiten als dat helpt voor hun branche. Je moet het samen doen, dan kom je verder. Voor de opleiding ligt de verantwoordelijkheid bij een hogeschool in de regio die ook een regulier traject voor vo-docenten heeft. Zij zorgen voor vaktheorie, pedagogiek en didactiek. Voor de praktijk werken we samen met instellingen voor mbo en soms vmbo. Daar lopen de deelnemers stage. Ze oefenen onder begeleiding van een ervaren vakdocent. Ze kijken eerst een keer mee, spreken daarover door en verzorgen vervolgens zelf een les. Met die ervaring gaan ze weer terug naar de hogeschool voor bespreking en reflectie. Die cirkel van theorie en praktijk is ongelooflijk waardevol."

Nuttig voor dagelijkse praktijk

"Ik merk nu al in de praktijk dat deze aanpak goed werkt", beaamt Roel van Stokkum. Hij is directeur van Verweij Elektrotechniek in Nieuwegein en doet mee met een opleidingstraject tot hybride docent in Midden-Nederland, via Hogeschool Utrecht. "De lessen helpen mij in mijn dagelijkse functie. Bij de wekelijkse praatjes voor mijn medewerkers, bij workshops die ik geef, bij het begeleiden van stagiaires en afstudeeropdrachten. Ik moet regelmatig kennis en ervaring overdragen aan mensen op verschillende niveaus. Nu leer ik om daarbij beter af te stemmen op de doelgroep. En om bijvoorbeeld op mijn stem te letten. Zo hadden we laatst een les logopedie. Dan merk je ook dat het een fijne groep is. We moesten allerlei stemoefeningen doen en iedereen deed heel open mee. Het is een klas van diverse pluimage, van CAD-tekenaar en installatiemonteur tot inspecteur en directeur. Maar iedereen is gemotiveerd en helpt elkaar."

Enthousiast ondanks forse tijdsinvestering

Dat enthousiasme ziet Boek bij veel deelnemers terug. "Twee jaar geleden begonnen we in Gelderland/Overijssel met een groep van 18 mensen. Daar zijn er maar liefst 16 van geslaagd. En zo gaat het steeds. Deelnemers stoppen zelden. Terwijl het toch een behoorlijke belasting is." Van Stokkum: "Om de week hebben we op dinsdagmiddag les van half vier tot half negen. Daarnaast moeten we nog 80 uur stagelopen. En een portfolio samenstellen om te bewijzen dat je het kunt. Dat is pittig. Zeker omdat ik al best wat avonden weg ben voor mijn werk. Maar ik denk dat het hard nodig is om de praktijk naar de school te brengen. Zodat ze daar weten wat er in de buitenwereld gebeurt. Bovendien investeer ik zo in mijn eigen duurzame inzetbaarheid. Directeur zijn is best zwaar en vernieuwing is goed voor het bedrijf. Wellicht is er voor mij dan een onderwijsrol weggelegd."

Win-win voor alle partijen

Slechts weinig deelnemers maken helemaal de overstap naar het onderwijs, vertelt Boek. "Je krijgt ook geen echte docentenbevoegdheid; daar heb je jaren extra opleiding voor nodig. De meesten komen terecht in een instructeurspool waar mbo’s gebruik van kunnen maken om modules in te vullen voor kortere of langere tijd. Bedrijven hoeven zich dus geen zorgen te maken dat ze mensen kwijtraken. Bovendien compenseren de mbo’s de werktijd die een bedrijf verliest op het moment dat een werknemer voor de klas staat. Ook voor de werkgever is het alleen maar handig dat werknemers kennis leren overdragen. Daarmee kunnen ze bijvoorbeeld collega’s coachen, trainingen en cursussen in het bedrijf opzetten of stageleerlingen begeleiden. Het is echt een win-win-win voor alle partijen." Van Stokkum: "Leerbedrijven kunnen deze mensen ook inzetten als praktijkbegeleiders. Er zijn op alle vlakken mogelijkheden. Dit is absoluut een positieve ontwikkeling."

Meer branches en regio’s

Het eerste traject in Gelderland/Overijssel was zo succesvol dat daar nu al een derde traject gestart is. Boek: "Met de lessen uit eerdere trajecten ontwikkelen we het concept steeds verder. Nu rollen we het uit naar meer branches en regio’s. Inmiddels is het hele land redelijk afgedekt. Het is nog wel een opgave om nieuwe deelnemers te werven. Onbekend maakt onbemind. De tijdsinvestering is fors en de werkdruk is hoog. Maar de mensen die er nu zitten zijn enthousiast en willen graag als ambassadeurs fungeren. Bovendien vergoeden we bij OTIB bijvoorbeeld de cursuskosten van zo’n € 3.000,00." Partijen die een vergelijkbaar traject willen opzetten, kunnen bij OTIB en de andere fondsen terecht voor tips. Boek: "We hebben iets moois ontwikkeld dat goed bruikbaar is voor andere branches. We zijn zeer bereid om kennis te delen of andere partijen aan te laten sluiten. Daar staan we altijd voor open."

 

 

Deel deze pagina